Lezingen 2015-2016

Ex Oriente Lux (“Licht uit het Oosten”) is een vereniging die de oude culturen van het Midden-Oosten bij een breed publiek wil bekendmaken. Daartoe organiseert ze lezingen waarop iedereen van harte welkom is.

 

De lezingen starten telkens om 20 uur in lokaal 01.28 van het Mgr. Sencie Instituut, Erasmusplein 2 (achter de Centrale Universiteitsbibliotheek) te Leuven.

‘De Oudegyptische snaar herklinkt’: Een analyse van faraonische snaarinstrumenten en hun gebruik

Woensdag 14 oktober 2015

Toon Sykora (KULeuven)

EA24564
Gedecoreerde modelboogharp uit het graf van Ani (19de dynastie) (BM EA 24564)

De vele levendige scènes van muzikanten uit het Oude Egypte getuigen van de belangrijke rol die muziek bij hen bekleedde. Het is dan ook niet verbazingwekkend dat een groot aantal muziekinstrumenten uit het faraonische tijdperk de tand des tijds heeft doorstaan. Deze instrumenten vormen de meest directe bron om de muziek die met hen gespeeld werd te kunnen achterhalen. Vreemd genoeg werd deze grote schat aan informatie in het verleden door weinig musicologen en Egyptologen aangewend om de geheimen van de Oudegyptische muziek te ontsluieren. Hierdoor blijft de muzikale uitvoering van het Oude Egypte gehuld in mysterie.

CG69421 (1)
Intacte ovaalvormige luit uit het graf van Harmose (midden 18de dynastie), (Egyptian Museum, Cairo, CG 69 421)

In deze lezing wordt een van de faraonische instrumentengroepen, namelijk snaarinstrumenten, belicht. Deze categorie omvat al vanaf het piramidentijdperk de elegante harp, en een duizendtal jaar later doen ook de luit en de lier hun intrede. De bewaarde Oudegyptische snaarinstrumenten worden verkend, gaande van hun opgravingscontext tot hun gebruikssporen. Zo kunnen we trachten om hun originele functie te achterhalen, die niet zelden in verband lijkt te staan met de Egyptische dodencultus. Hiermee krijgen we een beeld van faraonische muziek en kunnen we ervoor zorgen dat de Oudegyptische snaar kan herklinken. Dit gebeurt niet alleen figuurlijk, maar ook letterlijk, met de reconstructie van een Egyptische hoekharp uit de tijd van Ramses II. De klanken van deze harp doen muziek van meer dan drieduizend jaar oud herleven.


Oost tegen West? Het Alexandermozaïek uit Pompeii

Woensdag 18 november 2015

Dr. Rolf Strootman (Docent Oude Geschiedenis, Universiteit Utrecht, Departement Geschiedenis en Kunstgeschiedenis)

alexander

In deze lezing wordt ingegaan op het beroemde Alexandermozaïek uit Pompeii, dat zich nu in het Archeologisch museum van Napels bevindt. Dit unieke kunstwerk, volgens sommigen een kopie van een schilderij dat kort na de dood van Alexander de Grote in Macedonië werd gemaakt, verbeeldt de overwinning van Alexander op Darius, de Achaemenidenkoning. Het is een rijke propagandistische afbeelding die het idee van de ‘beslissende veldslag’ uitdraagt en de oorlog tussen Grieken en Perzen als het ware terugbrengt tot een persoonlijk duel tussen de jonge koning Alexander en zijn Perzische tegenstander, Darius.


Tell Balata (Sichem): van historische stad tot archeologisch erfgoed

Woensdag 16 december 2015

Dr. Gerrit van der Kooij (gepens. Universitair Hoofddocent, Universiteit Leiden, Faculteit Archeologie)

Na vier jaar werk is in 2014 het Tell Balata Archeologisch Park project, gefinancierd door Nederlandse Ontwikkelingshulp, afgerond. Tell Balata ligt bij de Palestijnse stad Nablus en het project werd uitgevoerd door het Palestijnse Departement van Oudheden en Cultureel Erfgoed, de Universiteit van Leiden (Faculteit Archeologie) en UNESCO.

In 1903 werd deze tell met het historisch Sichem (en Sikma), gelegen tussen de bergen Ebal en Gerizim, geïdentificeerd, waarna in 1913 intensieve opgravingen volgden. Eerst door Duitsers, o.l.v. Ernst Sellin, met een Nederlands aandeel van de Assyrioloog en historicus (de Liagre) Böhl en sinds 1957 door Amerikanen (tot 1973).

Belangrijk resultaat vormen o.a. de indrukwekkende resten van de Midden-Bronstijdstad, maar toeristisch van belang is steeds de grote fort-tempel met terras en opstaande stenen, vanwege vermeende associatie met Bijbelse gebeurtenissen. De Palestijnse Autoriteit isimage001 sinds 1994 stapvoets bezig de verkregen verantwoordelijkheid voor het rijke archeologischë erfgoed om te zetten in o.a. rehabilitatie van verwaarloosde monumenten, en zo ook de lokale bevolking bewust te maken van de betekenis van deze belangrijke historische restanten – ook voor haar eigen identiteit.

Het ‘Tell Balata Archeologisch Park’ project is daarvan een uitzonderlijk voorbeeld, met evaluatie van het oude onderzo
ek, nieuw opgravingswerk met bijzondere resultaten, en allerlei publieksgerichte activiteiten, zoals de ontsluiting van archeologische informatie en discussies, stichten van een bezoekerscentrum, lessen voor schoolkinderen, en betrekken van de lokale bevolking bij wat er met ‘hun’ ruïneheuvel gebeurt. Ook het bevorderen van toerisme is een onderdeel van het project. 


De Fenisiche beschaving geeft nieuwe geheimen prijs

Woensdag 10 februari 2016

Dr. Eric Gubel (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis)


Vroege oriëntalisten: Florent Mols en Jacob Jacobs in Egypte en de Levant (1838-1839)

Woensdag 16 maart 2016

Dr. Eugène Warmenbol (Université libre de Bruxelles)

« Jacob Jacobs nous a rapporté de son voyage en Orient plusieurs souve-nirs », schrijft een kunstcriticus in 1847. « Ces toiles offrent toutes les quali-tés que nous avons déjà constatées dans cet artiste. Mais nous n’osons ex-primer notre avis sur l’étrangeté de cette nature orientale, et nous ne pou-vons la juger par conséquent ».

Jacob Jacobs is, samen met zijn reisgezel, en stadsgenoot Florent Mols, de eerste, in België, die het « oriëntalisme » bedrijft. Hij wordt één van de besten in het genre; tot aan zijn dood in 1879 geeft hij les in « landschaps-schildering » aan de Academie van Antwerpen.

Onze lezing zal de nadruk leggen op de tekeningen uit twee schets-boeken die Jacob Jacobs tijdens zijn reis naar en in de Oriënt gebruikte, meer in het bijzonder tijdens de afdaling van de Nijl in februari-april 1839, schetsboeken recent herondekt ter gelegenheid van hun openbare verkoop in Parijs. Zoals Théophile Gautier het stelde: « s’astreindre à noter quoti-diennement ce qui se déroule sous les yeux » scherpt de blik, en sterkt het geheugen, wanneer die schetsen uiteindelijk, in het atelier, uitgewerkt worden tot grotere doeken. Zoals we aan de hand van een zeldzaam zicht op de Ramessidische stelae van Djebel Silsileh zullen kunnen aantonen, kan dat geheugen wel eens falen.

Het oriëntalistische landschap wordt bij Jacob Jacobs, maar ook bij Florent Mols, zeer beschrijvend beneol2aderd, haast literair, zoals ook bij een David Roberts of een William Müller, kunstenaars die onze Antwerpenaren in Egypte ontmoetten. Reizigers waren toen nog niet zo talrijk op de Nijl, en vormden een echte en hechte gemeenschap.

De mecenas van de twee schilders, Charles Stier d’Aertselaer, ook voor-aanstaand lid van de « Academie d’Archéologie d’Anvers » kocht tijdens de reis een aantal oudheden, o.a. een dodenpapyrus uit de XXIste dynastie, die in 1848 reeds aan de Stadsbibliotheek van Antwerpen geschonken werd. De « oudste » papyrus in Belgisch openbaar bezit…


Het ‘Evangelie van de vrouw van Jezus’: de geschiedenis van een vervalsing

Woensdag 13 april 2016

Prof. Dr. Jan van der Vliet  (Koptisant, Opleiding Egyptische taal en cultuur, OCMW, Universiteit Leiden)

Tijdens een internationaal Koptologisch congres dat in september 2012 in Rome plaatsvond presenteerde een Amerikaanse collega, Prof. Karen King van Harvard Divinity School, een sensationele vondst: een papyrus met een fragment van een Koptische tekst waarin Jezus tot zijn leerlingen spreekt over “mijn vrouw” en zegt dat hij “met haar verkeert”.

kopt

Een goed georkestreerde publiciteitscampagne zorgde ervoor dat het nieuws van deze ontdekking direct over de hele wereld werd verspreid. Helaas bleek de tekst al snel een vervalsing. Deze lezing gaat over de wetenschap-pelijke achtergronden van deze vervalsing: wat behelst de papyrus precies en wat maakt het interessant met juist zo’n document naar buiten te treden?


Het dubbelbeeld van Mery-re/-Neith en zijn vrouw Anuy: pre- of post-Amarnaperiode? Een kunsthistorische diepteanalyse (Afgelast)

Woensdag 11 mei 2016

Dr. René Van Walsem (Universitair Docent – Vakgroep Talen en Culturen van het Midden Oosten, Opleiding Egyptologie en Koptologie, Universiteit Leiden)

In 2001 ontdekte de Leidse archeologische expeditie van de Universiteit Leiden en het Rijksmuseum van Oudheden te Saqqara het graf van Meryneith, alias Meryre, een hoge tempelfunctionaris ten tijde van Achnaton. In het graf werd een puntgaaf dubbelbeeld van hem en zijn vrouw in situ aangetroffen. Probleem is dit beeld te dateren op basis van allerlei kenmerken in relatie tot de kunst van de late Amenhotep III periode en de vroege tot midden Amarnaperiode. (Wanneer de tijd het toelaat:) Als toegift volgt de identificatie van een anoniem dubbelbeeld in het British Museum (EA 36), dat evidente kunsthistorische banden heeft met de Amarna kunst.

egtt