Gewijzigde datum lezing

De datum van de lezing van prof. Abraham is gewijzigd naar woensdag 20 december 2017. Hopelijk past deze datum ook in jullie agenda.

De eerst volgende lezing is gepland op 29 november 2017.

Lezing woensdag 29 November 2017

Hoe kunnen databases een dode taal weer tot leven wekken?

Drs. David Van Acker (Kwantitatieve Lexicologie en Variatielinguïstiek, KU Leuven)

De Hebreeuwse Bijbel heeft een lange mondelinge traditie. Geschreven teksten bestonden, maar dienden eerder als hulpmiddel bij het reciteren. Toen Hebreeuws in de middeleeuwen niet meer actief gebezigd werd, heeft een school rabbijnen – de Masoreten – deze traditie bewaard door aan de tekst (met tot dan enkel medeklinkers) klinkers en accenten toe te voegen. Lange tijd is aangenomen dat deze accenten voornamelijk aangeven hoe de tekst ritueel gezongen moet worden, maar in de laatste decennia is het duidelijk geworden dat dit systeem oorspronkelijk een andere functie had. De accenten groeperen namelijk woorden in eenheden die lijken op de eenheden die in moderne (gesproken) talen door intonatie worden afgelijnd.

Gegeven de mondelinge traditie achter de Hebreeuwse Bijbel is het niet verwonderlijk dat de Masoreten net intonatie wilden bewaren. De accenten moeten dus belangrijke informatie bevatten over de gesproken dynamiek van het Hebreeuws. Maar hoe kunnen we die informatie juist interpreteren? Hiervoor moeten we terugvallen op uitgebreid onderzoek naar intonatie in hedendaagse talen. Daaruit blijkt dat intonatie over talen heen voor gelijkaardige doelen ingezet wordt. Hiermee kunnen we aan de slag gaan in de Hebreeuwse Bijbel. We kunnen in databases zoeken naar plaatsen waar intonatie een rol zou moeten spelen en vervolgens zien hoe de accenten zich daar gedragen. We zullen het Bijbels Hebreeuws wellicht nooit kunnen bestuderen op dezelfde manier als moderne talen, maar aan de hand van data-analyse, kunnen we deze dode taal allicht een beetje opnieuw tot leven wekken.

Studiemiddag Nineveh

Ex Oriente Lux organiseert op zaterdag 25 november 2017 een studiemiddag in het Rijksmuseum van Oudheden rond de nieuwe tentoonstelling Nineveh. Deze studiemiddag is speciaal voor leden!

Programma

13:00 – 13.45 uur: dr. Lucas Petit (RMO)
Archeologie en erfgoed van Nineveh

13:45 – 14:30 uur: prof.dr. Bert van der Spek (VU)
De teksten uit Nineveh

14:30 – 15:00 uur: pauze

15:00 – 16.45 uur: rondleiding in twee groepen o.l.v. dr. Lucas Petit en drs. Theo Krispijn

Kosten

Deze studiemiddag is uitsluitend toegankelijk voor leden, evt. vergezeld van één introducé(e), en er is een maximum van 60 deelnemers. De kosten bedragen € 25,00 per persoon, exclusief entreebiljet.

Aanmelden

Leden kunnen zich voor deelname opgeven door overmaking van het bedrag op rekening NL82 INGB 0000 229501 t.n.v. Ex Oriente Lux te Leiden, onder vermelding van ‘Nineveh’. Uw storting dient uiterlijk op 13 november 2017 in ons bezit te zijn. Alleen uw storting geldt als aanmelding! Wie het eerst komt, die het eerst maalt. De 61e en volgende aanmelders krijgen hun geld teruggestort en krijgen bericht dat het evenement is volgeboekt.

De tentoonstelling Nineveh zal van 20 oktober 2017 tot 25 maart 2018 te zien zijn in het Rijksmuseum van Oudheden.

Tentoonstelling: Erasmus’ Dream

Vanaf 19 oktober 2017 loopt de tentoonstelling Erasmus’ Dream in de Centrale Bibliotheek (Ladeuzeplein 21, 3000 Leuven). Meer informatie via deze link.

eramus

Lezing Woensdag 23 mei 2018

Puzzelen met tombes. Een digitale reconstructie van de elite-necropool in Dayr al-Barsha

Drs. Toon Sykora (Archeologie, KU Leuven)

De rotsgraven van Dayr al-Barsha behoren tot de belangrijkste monumenten uit het Egyptische Middenrijk (ca. 2055 – 1700 v.Chr.). Helaas had het elite-grafveld sterk te lijden onder ingrijpende steengroeveactiviteit en verschillende fasen van grafroof, waardoor het onmogelijk is om de enorme puzzel van architectuurresten fysiek te reconstrueren.

barshaInnovatieve digitale applicaties reiken nu nieuwe methodes aan om de gedecoreerde fragmenten terug aan elkaar te passen. Door middel van een flexibele, interactieve 3D-omgeving, wordt het mogelijk om het tombeplateau visueel terug op te bouwen. Dit stelt ons in staat om fundamentele onderzoeksvragen omtrent de evolutie van de necropool en de decoratie van de graven te beantwoorden.

 

Lezing Woensdag 21 maart 2018

Oude manuscripten, nieuwe technieken. Twee digitale projecten (Leuven/Groningen) over de Dode-Zeerollen voorgesteld

Prof. Eibert Tigchelaar & Prof. Pierre Van Hecke (Bijbelwetenschap, KU Leuven)

Aan de KU Leuven zijn we betrokken bij twee Digital Humanities projecten over de Dode-Zeerollen.

Het eerste is een corpus-linguïstisch onderzoek naar het Klassiek Hebreeuws van de Bijbel en de Dode-Zeerollen. In dit project gebruiken we gedigitaliseerde teksten en geavanceerde computationele technieken om de taalkundige eigenschappen van het Hebreeuws in kaart te brengen.

Op die manier beogen we de stilistische en orthografische eigenheid van de verschillende teksten te vatten, waardoor we kunnen vaststellen welke teksten een mogelijk gemeenschappelijke herkomst hebben.

Het andere is een samenwerkingsproject tussen Groningen en Leuven dat onder meer gebruik maakt van digitale paleografie, in samenwerking met het Groningse Artificial Intelligence Institute.

Het project heeft twee grote doelen:

Ten eerste om met behulp vaDode zeen Artificial Intelligence de ontwikkeling van het Hebreeuwse schrift in de Dode-Zeerollen van ca. 250 voor tot 150 n.Chr. in kaart te brengen, en daarmee de manuscripten te dateren.

Ten tweede om met Artifical Intelligence overeenkomsten tussen de handen van de handschriften op te sporen en zo eventueel individuele schrijvers op het spoor te komen.

De lezing zal doorgaan in lokaal 01.28 van het Mgr. Sencie Instituut, Erasmusplein 2 om 20u.

Lezing Woensdag 20 december 2017 (gewijzigde datum)

Hoe maak je spijkerschriftteksten over het dagelijkse leven uit de tijd van de Laat-Babylonische en Perzische Koningen toegankelijk?

Prof. Kathleen Abraham (Oudheid, KU Leuven)

In de studie van de Oudheid en in het bijzonder in de discipline van Spijkerschriftstudies (Assyriologie) vindt er een grote digitaliseringsbeweging plaats.
Er zijn verschillende projecten aan de gang, in de Angelsaksische wetenschappelijke
wereld, op het vasteland van Europa en in de Verenigde Staten.

tablet
Deze creëren een gedigitaliseerde onderzoeksomgeving. Het aanbod aan online
hulpmiddelen voor onderzoek is gevarieerd: zowel sites die Sumerische,
Babylonische, Assyrische en Hettitische teksten uit verschillende regio’s en
hun metadata bevatten, als sites die in een gecontroleerde wiki-omgeving de cruciale periode in de vorming van de
Joodse identiteit en de articulatie van grote religieuze en sociale beginselen in
het vroege Jodendom.

Het tweede project – The Neo-Babylonian Cuneiform Corpus (NaBuCCo) – wil de grote hoeveelheid archiefstukken die in Babylonië tussen ca. 800 en het einde van het pre-christelijke tijdperk tot stand kwamen ter beschikking stellen voor historici van de Oudheid in het algemeen en Assyriologen in het bijzonder. Deze documenten zijn niet gemakkelijk toegankelijk voor onderzoekers. Ettelijke ervan zijn nog niet gepubliceerd en zelfs als ze wel gepubliceerd zijn, is het vaak enkel in lijntekening zonder transcriptie of vertaling. Bovendien zijn ze moeilijk te begrijpen omwille van hun juridisch- en administratief-technische woordenschat en formuleringen.

De lezing zal doorgaan in lokaal 01.28 van het Mgr. Sencie Instituut, Erasmusplein 2 om 20u.

Vooraankondiging lezingen eerste semester 2017-2018

We kunnen de lezingen voor volgend academiejaar al voorstellen. De concrete data zullen in de loop van september 2017 meegedeeld worden.

Prof. Kathleen Abraham: NabuCCo:Hoe maak je spijkerschriftteksten over het dagelijks leven uit de tijd van de Laat-Babylonische en Perzische Koningen toegankelijk?

Drs. David Van Acker: Hoe databases een dode taal weer tot leven kunnen wekken.

Prof. Eibert Tigchelaar & Prof. Pierre Van Hecke: Oude manuscripten, nieuwe technieken. Twee digitale projecten (Leuven/Groningen) over de Dode-Zeerollen voorgesteld.

Lezing: Tussen traditie en digitalisering

Over het belang van zeldzame woorden voor de bestudering van classificatieproblemen in Semitische teksten

Woensdag 17 mei 2017

Drs. Mathias Coeckelbergs (Informatiewetenschap, ULB en Nabije Oosten Studies, KU Leuven)

Om teksten te classificeren – zij het naar inhoud of naar stijl – wordt tegenwoordig vaak een beroep gedaan op statistische methoden. Dit onderzoek is van belang voor een variëteit aan onderzoeksdomeinen, van stylometrie en auteurschapstoewijzing tot thematisch onderzoek. Terwijl bij traditioneel stijlonderzoek een eerder belangrijke rol wordt toegeschreven aan zeldzame of unieke woorden in het corpus, wordt er in dit recente statistische onderzoek vooral aandacht besteed aan zeer frequente (functie-)woorden.
In een eerste stap overlopen we waaraan deze verandering in focus te wijten kan zijn. In een tweede stap bekijken we hoe deze zeldzame woorden gefungeerd hebben in de geschiedenis van de Bijbelstudie, om hierbij twee tendensen te ontdekken. Hiermee tonen we de waarde aan van recente statistische methodes voor de studie van de Hebreeuwse literatuur, en het gevaar van het buiten beschouwing laten van deze zeldzame woorden.

In een derde stap tonen we aan hoe deze woorden als hulp kunnen dienen om de gevoelige plekken van de huidige classificatiemethodes aan te duiden, met toepassing op voornamelijk Bijbelse teksten. In een vierde stap vervolgens tonen we hoe klassieke Bijbelvertalingen omsprongen in het weergeven en vertalen van deze zeldzame woorden: is het de inhoud dan wel de stijl die een bepaalde vertaalkeuze motiveert?

De hierbij opgedane kennis brengen we vervolgens in een vijfde stap opnieuw samen met het computer-gebaseerd onderzoek, om toekomstige lijnen uit te tekenen voor stilistisch en thematisch onderzoek naar de Hebreeuwse literatuur.

Lezing: Reflectie op het gebruik van 3D technologieën voor de documentatie van bedreigd cultureel erfgoed

Woensdag 15 Maart 2017

Drs. Hendrik Hameeuw (Departement Oudheid van de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis in Brussel en Nabije Oosten Studies, KU Leuven)

Aardbevingen, tsunami’s, branden, vulkaanuitbarstingen, … ; ze hebben allen de kracht de grote verwezenlijkingen van de mensheid door de eeuwen heen te vernietigen. Maar de meest dramatisch kracht komt van de mens zelf.

Of het nu het ‘opruimen’ van erfgoed betreft om plaats te maken voor de  Olympische Spelen in Beijing, de dynamitering van de Bamiyan standbeelden, het verbranden van de Timboektoe manuscripten of de sloop van duizenden jaren oude steden in Syrië en Irak, de verantwoordelijken weten altijd hun acties te rechtvaardigen. Vernielingen van cultureel erfgoed zijn een dagelijkse realiteit; het is aan ons om strategieën te formuleren om dit te overwinnen.

NaamloosDe zeven wonderen van de wereld – waarvan alleen de Gizeh piramides overleefden – hebben een centrale plaats ingenomen in ons begrijpen hoe grote architectonische verwezenlijkingen alsnog verloren kunnen gaan; ons kennis erover hebben we in de eerste plaats te danken aan oude geschriften. Hoe ze er echt uitzagen, is eigenlijk onduidelijk. Vandaag liggen de kansen gunstiger. In de afgelopen 150 jaar hebben architecten, ingenieurs en archeologen ontelbare technische (op)tekeningen van erfgoed sites geproduceerd; overal ter wereld zijn digitaliseringsprojecten aan de gang en de mogelijkheden van state-of-the-art beeldvormingstechnieken lijken haast onuitputtelijk.

Maar wat doen we ermee? Wat is hun nauwkeurigheid of volledigheid? Koppelen we de juiste en voldoende metadata aan de samengestelde documentatie? Wat registreerde onze aanpak niet? Sjablonen, protocollen en standaarden moeten worden ontwikkeld om de duurzaamheid van al die inspanningen te garanderen. En, als dat alles is geregeld – als het origineel verloren is gegaan of niet meer toegankelijk – waarom niet pleiten om deze kwaliteitsdata-sets op te nemen in een lijst van Virtueel Werelderfgoed.